Altijd bij elkaar

Romantiek – geschreven door Emily Petra Duchateau


In een dorpje op het eiland Ernen woonden een man en een vrouw, die al sinds vele jaren getrouwd waren, en zowat hun hele volwassen leven samen hadden doorgebracht.

Ze woonden in een klein houten huis aan de rand van het dorp en verbouwden op de aangrenzende velden groenten, zowel voor zichzelf als voor andere mensen in het dorp. Dit deden ze zelfs toen ze al ver voorbij de zeventig waren.

De oude man en de vrouw hadden niemand aan wie ze hun huis en groentevelden konden nalaten, en ze hadden zich berust in het idee dat wanneer ze stierven, het huis in verval zou raken, en dat de velden overwoekerd zouden worden.

Dit bedroefde hen maar weinig.

Zowel de man als de vrouw waren moe van het leven, en ze hadden nog maar één wens, en dat was samen sterven.

Het lot liet deze wens niet in vervulling gaan; na een strenge winter werd de vrouw ziek, en al gauw kon ze niet meer uit bed.

Op een avond zat de man bij zijn vrouw op het bed, en ze spraken over de tijd die ze hadden gedeeld.

Ze spraken over de velden en het huis, over mensen uit het dorp die ze gekend hadden, en over hoe ze elkaar lang geleden hadden ontmoet en verliefd waren geworden.

Toen de man wat later de kaarsen uitblies, en bij haar in bed kroop om te slapen, draaide zijn vrouw zich naar hem toe en zei: “Het spijt me; ik denk dat ik eerst ga vertrekken. Maar ik zal op jou wachten, dat beloof ik.”

Ze vielen samen in slaap, en de volgende ochtend werd de vrouw niet meer wakker.

De oude man begroef haar in de tuin, met de hulp van een buurman, die bijna even oud was als hij. Ze begroeven haar dicht bij de rozenstruiken waar ze van had gehouden. En nadat de buurman weer was vertrokken, knielde de oude man bij het graf en daar bleef hij zitten.

De wind woei hard en het was erg koud.

Misschien hoopte de oude man ook ziek te worden, zodat hij zijn geliefde snel achterna kon gaan. Maar toen kwam er een kat naast hem zitten. De oude man draaide zich verbaasd naar het dier toe en zei:
“Oh, ben je daar.”

Hij stond recht en schuifelde moeizaam weer naar het huis en dan naar binnen; en daar wachtte hij tot de kat achter hem aan naar binnen was gekomen, voor hij de deur sloot.

De oude man gaf het dier te eten en ’s avonds zaten ze samen in een stoel voor het vuur. De kat kroop bij hem op schoot en terwijl hij haar streelde, vertelde hij haar hoe zijn dag verlopen was. En dat hij de buurman dankbaar was dat hij geholpen had bij het graven van het graf.

De kat zat naast hem terwijl hij thee zette en ze kroop bij hem op het bed toen hij ging slapen. Ze sliep op het hoofdkussen van de oude vrouw en ’s ochtends was ze als eerste uit bed, waarna ze de rest van de dag in de buurt van de oude man bleef.

Toen de lente kwam, volgde ze hem in de groentevelden en ze bleef bij hem terwijl hij klusjes opknapte aan het huis. Ze zat naar hem te kijken terwijl hij de vloer van het huis schoonmaakte en lag tegen hem aan te slapen als hij moe was en een tijdje moest zitten.

Twee jaar lang hielden ze elkaar gezelschap, tot de kat op een dag voor even de tuin uitging, en niet meer terugkwam. Wat later vond de oude man haar aan de kant van de weg. Ze was door een auto aangereden, en de oude man begroef haar in de tuin, naast het graf van zijn vrouw.

Dan zat hij geknield bij het graf, en bleef daar zitten.

Er waren zoals elke lente heel wat vlinders in de tuin, en een wit met blauwe vlinder kwam op de gerimpelde hand van de oude man zitten. De oude man keek naar de vlinder en zei:
“Ooh, ben je daar terug?”

De rest van de dag bleef de vlinder om hem heen fladderen terwijl hij in de tuin werkte, en toen het avond werd, liet de oude man de deur open staan tot de vlinder binnen op tafel landde, en pas dan sloot hij de deur.

Overdag fladderde de vlinder rond in het huis en wanneer de oude man naar buiten ging, volgde de vlinder hem in de tuin en in de velden. Maar op een dag waren er kinderen in de buurt, en een klein meisje ving de vlinder in haar handen. Ze wilde ermee naar de oude man toe rennen om hem te tonen, maar ze struikelde en toen ze viel, plette ze de vlinder in haar hand.

Het kind huilde bitter tranen, maar de oude man troostte haar en samen begroeven ze de vlinder, vlak voor de rozenstruiken in zijn tuin.

Het meisje bleef even bij het graf treuren maar vertrok dan om weer te gaan spelen, en ze liet de oude man geknield bij de graven achter. Uren en uren bleef hij daar zitten, tot er plots een kleine vogel neerstreek bij de graven. Het was een levendig klein ding en het hupte heen en weer over het graf.
“Ooh, ben je daar terug?” zei de oude man.

Het vogeltje vloog om hem heen en de komende weken kon het steeds in zijn buurt gezien worden, zowel als de oude man aan het werk was, als wanneer hij in het huis was. ’s Avonds zat het op de rand van het bed en ’s ochtends fladderde het door de keuken. Het zat naast hem op het dak als hij bezig was een van de pannen te herstellen en het sprong van tak tot tak terwijl hij hout sprokkelde in het bos. Het zat bij hem op de rand van de stoel die voor het haardvuur stond, toen de oude man zei:
“Ik voel het; mijn tijd is ook gekomen.”

Toen de oude man in bed kroop, sprong de kleine vogel op het nachtkastje naast het bed, en daar bleef het de hele nacht zitten. Het zat daar nog steeds toen de volgende dag laat in de avond de buurman langskwam en de oude man levenloos in zijn bed vond.

“Dus zijn tijd is ook gekomen.” zei de buurman.

Hij haalde twee andere mensen uit het dorp, en samen begroeven ze de oude man naast zijn vrouw, in de tuin, waar de rozenstruiken stonden. De kleine vogel keek toe vanop een tak in een boom, en toen de mensen weg waren, kwam het op het graf van de oude man zitten.

De volgende ochtend kwam de buurman even langs bij het graf van de oude man, en vond daar het vogeltje, dat roerloos in het zand lag.

“Dus nu zijn jullie terug samen.” zei de man.

Hij groef een kuiltje in het graf van de oude man, legde het vogeltje erin en dekte het toe.

Ontspan met een Ateliers Claudine verhaal

Comments (0)

Leave a comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *